- Aankoopadvies: Compact of spiegelreflex camera
- Aandachtspunten bij aankoop nieuwe camera
- Advies voor het overstappen naar een digitale spiegelreflexcamera
- Introductie systeemcamera’s
- Tweedehands foto apparatuur
- Aankoopadvies: Statieven
- Aankoopadvies: Objectieven
- De ‘plastic fantastic’ 50mm lens
- Introductie werken met een pentablet
Objectieven hebben de meeste invloed op het eindresultaat van je foto: scherpte, contrast, sluitertijd, etc. Ze zijn meestal belangrijker (op de fotograaf na) voor het eindresultaat dan de camera zelf. Een hele dure camera met een goedkoop plastic objectief zal zeker niet zulke goede resultaten opleveren als mogelijk is met die camera. Een kwalitatief hoogwaardig objectief op een goedkopere camera kan wel een groot effect hebben. De kunst is de juiste balans te vinden als je niet als miljonair bent geboren.
In objectieven wordt daarom ook door de meeste fotografen stevig geïnvesteerd, vooral ook omdat een lens (over het algemeen) langer mee gaat dan de camera body (mijn 80-200mm F2.8 is zeker 15 jaar oud). Vaak is het zo dat je beter kunt besparen op een iets goedkopere camera (met iets minder megapixels) en daarvoor in de plaats juist te investeren in een goede lens.
Ik heb bijna twee jaar geleden gekozen voor de Canon 300D (zonder objectief), terwijl de 350D net uit was. Deze was goedkoper en van (grotendeels) dat geld heb ik een 28-135mm zoomlens, met beeldstabilisatie, gekocht. Deze lens zit eigenlijk altijd op mijn camera en levert denk ik betere resultaten op dan als ik een 350D had gekocht en moest gaan voor de meegeleverde lens omdat het geld op is.
Objectieven worden specifiek gemaakt voor (en vaak ook door) de verschillende merken. Een Canon lens past niet op een Nikon body en vice versa, een Sigma lens komt met een Canon of Nikon vatting. Dit maakt ook dat als je voor het eerst voor een camera merk kiest en een spiegelreflexcamera aanschaft dat je een bewuste keuze moet maken voor langere termijn, anders kun je je investering in lenzen wegmikken.
Het is daarom handig te kijken naar wat voor verschillende objectieven er zijn, wat het logische pad is om te groeien in camera bodies, wat je eigen wensen en mogelijkheden qua budget zijn, etc. Investeer je stevig een Canon camera met bijbehorende objectieven en het blijkt dat je toch liever kiest voor Nikon als je toe bent aan een upgrade, dan heb je een probleem. Bij de eerste keer instappen weegt dit dus al erg zwaar, zeker als je van plan bent naar verloop van tijd 3-4 lenzen aan te schaffen.
Wisselen
Het grote voordeel van Spiegelreflex camera’s ten opzichte van compact camera’s is dat je de lenzen kunt wisselen, waardoor je afhankelijk van de situatie het ideale creatieve effect kunt bereiken (met de aan jou beschikbare lenzen).
Objectieven komen voor in twee varianten, met een vaste brandpuntafstand en als zoomlens. We drukken de brandpuntafstand uit in mm. Een vast brandpunt betekent dat je inzoomt door te lopen, met een zoomlens kun je in- en uitzoomen tussen de minimum en maximum waarde die de lens ondersteunt (minimaal 28 en maximaal 135 bijvoorbeeld). Je hoeft dus niet aan de wandel, hoewel natuurlijk wel altijd aan te raden meer dan één standpunt te proberen.
Een ander voordeel van zoomlenzen is dat je minder maak van lens hoeft te wisselen en dus ook minder kans loopt op stof op de sensor. Een algemene stelregel is dat een zoomlens van iets minder kwaliteit is dan een lens met een vaste brandpunt afstand, hoewel bouwkwaliteit hier zeker ook een rol bij speelt. De schade zit vooral in de maximale opening van het diafragma (bepaalt voor een groot deel hoe snel je maximale sluitertijd is en dus ook tot wanneer je nog ‘handheld’ kunt fotograferen). We zeggen dan dat deze lenzen minder ‘lichtsterk’ zijn.
Brandpuntafstand
Een mens kijkt normaal gesproken over een hoek va 45 graden naar de wereld. Een standaard objectief ‘kijkt’ ook in deze hoek. Hoeveel mm de brandpunt afstand moet zijn wordt bepaald door het vlak waarop het licht valt. Bij analoge camera’s is dit bijna altijd 35×24mm (kleinbeeldfilm), de 50mm lens is dan de standaardlens.
De sensor van een digitale camera is echter kleiner dan 35mm (24×16mm). Dit betekent dat je kortere brandpuntafstand nodig hebt voor de standaardlens, er treed een verlengingsfactor op van 1,5-1,6x de waarde die op de lens staat (en soms wel met een factor 2,0). In het geval van Canon moet je bijvoorbeeld de mm waarde van een objectief met 1,6 vermenigvuldigen en dit betekent dat een 200mm lens een 320mm lens wordt. Er zijn ook digitale camera’s die beschikken over een ‘full frame sensor’, deze is gelijk aan de 35×24mm kleinbeeldfilm afmeting en daar komt de mm waarde van de lens dus wel overeen met de echte waarde.
Wat voor een lens het is wordt bepaald door het aantal mm vergeleken met de standaardlens. Heeft een objectief een veel kleinere waarde dan 50mm (omgerekend van de standaard 35mm), dan is het een groothoeklens. Deze hebben een grote beeldhoek waardoor je meer van de omgeving ziet dan met je ogen. Ideaal om landschappen of hoge/grote gebouwen mee te fotograferen. Hoe groter de hoek, hoe meer kans je loopt dat gebouwen ‘krom gaan staan’.
Is de waarde veel groter dan 50mm, dan hebben we het over een telelens. Deze heeft een kleine beeldhoek waardoor het onderwerp vergroot in beeld komt en dus dichterbij lijkt. Ook lijkt de afstand tussen de achtergrond en het onderwerp kleiner dan bij een grotere beeldhoek, deze heeft dan ook minder kans om af te leiden. Door vervolgens met het diafragma te spelen kun je het onderwerp uit de achtergrond ‘liften’ en daarmee de extra aandacht geven die het verdient. Vaak komt een camera met een 18-55 (in het geval van digitaal) objectief. Dit is een standaardzoom, deze heeft een groothoek, standaard en telelens in één en is daarom een goede keuze om als startlens bij een camera te leveren.
Als laatste wil ik nog de macro lens noemen, deze maakt het mogelijk onderwerpen met een factor 1:1 te fotograferen, waardoor je bijvoorbeeld heel dicht bovenop een insect kunt kruipen en mooie grote detailopnamen van het dier of een plant kunt maken.
Lichtsterkte
Belangrijk te weten bij de aanschaf van de lens is de lichtsterkte die op de lens staat. Bijvoorbeeld mijn 28-135mm lens kent de toevoeging f3.5-5.6. Dit betekent dat bij 28mm de maximale opening van het diafragma 3.5 is, bij 135mm is dit nog maar 5.6. Er zijn ook zoomlenzen met een vaste waarde over het hele bereik. Mijn 80-200 lens heeft een maximale opening van f/2.8 op zowel 80mm als op 200mm. Het voordeel daarvan is dat je bij inzoomen niets aan licht inlevert. Nadeel is dat ze (veel) duurder zijn, groter (meer glas gebruiken) en daarom ook meer wegen (glas is zwaar).
Hulpmiddelen
Om het allemaal nog iets ingewikkelder te maken komen een aantal lenzen ook met hulpmiddelen. Canon heeft bijvoorbeeld de afkorting IS, die voor Image Stabilisation staat. Een lens met IS is duurder en zwaarder dan andere lenzen. Sommige andere fabrikanten bouwen deze juist in de camera in ipv in de lens, waardoor de lens minder zwaar wordt. Een lens met IS probeert aan de hand van de beweging deze te corrigeren en daarmee te voorkomen dat het beeld onscherp wordt bij een lichte beweging. De fabrikanten beweren dat dit vaak 1 a 2 extra lichtstops oplevert, ofwel schieten met een sluitertijd van 1/250 in plaats van 1/100 (1/250 -> 1/125 -> 1/100) waardoor je minder kans loopt op onscherpe beelden als je bijvoorbeeld op 200mm schiet. Stelregel is dat je moet proberen de sluitertijd minimaal zo lang te maken als het aantal mm. Op 200 is dit 1/200, op 400mm is dit 1/400, op 100mm is dit 1/100. Anders loop je de kans op bewegingsonscherpte in de foto.
Waar op letten
De kwaliteit van de lens wordt bepaald door het beeld dat hij oplevert. Hierbij spelen zaken mee als vignettering. Dit betekent dat je een donkerder beeld krijgt aan de randen van de lens dan in het midden van de lens. Vooral duidelijk als je het contrast in een beeldbewerkingsprogramma helemaal opvoert, dan krijg je soms hele donkere randen. Iets wat soms ook erg mooi kan zijn, maar niet voor kwaliteit staat. Met de ‘cropfactor’ bij digitale camera’s is dit effect wel veel minder, omdat je minder van de buitenranden van de lens in beeld krijgt.
Ook hebben lenzen te maken met onscherpte bij de randen. Het middendeel is dan veel scherper dan de rand. Hoe duurder de lens, hoe minder dit effect het geval zal zijn. Daarnaast moet je er ook rekening mee houden dat lenzen op een bepaald diafragma het beste presteren, de zogenaamde ’sweet spot’. Weten wanneer de lens van scherpte naar onscherpte over gaat kan soms het verschil zijn tussen super en net niet.
Hopelijk heb je nu een goed/beter idee waar op te letten bij het kopen van een nieuwe lens. Twijfel je over een aantal lenzen, dan is het een goed idee om op internet te zoeken naar ervaringen van andere gebruikers. Ook kun je overwegen om de lens eens een keertje te huren en er een dag of weekend mee te fotograferen. De meeste camerawinkels bieden de mogelijkheid om dit te doen, vooral aan te raden bij de duurdere lenzen.

Korte tip: Wissel van positie
De beste sluitertijd kiezen voor een foto
Diafragma, hoe werkt het
Korte tip: Schemering
Korte tip: Diepte creëren
Hoi Janneke,
De IS versie II biedt een betere IS. In vakjargon: IS versie I bied tot 3 stops stabilisatie, IS II bied tot 4 stops stabilisatie.
Nou weet ik het niet zeker, maar volgens mij is er van de 55-250 alleen een IS II versie. Die kan je er prima als lens bij kopen en daarmee gaan oefenen. Verdiep je vervolgens in hoe je camera werkt en experimenteer er lekker mee ;)
Groeten,
Erik
Ik heb een sony 380. Wil een macrolens aanschaffen: Tamron 60 mm. Enig idee hoe deze presteert?
dank
Mijn ervaring is dat je best een 100 mm macrolens koopt, zeker als je insecten wil fotograferen
Met een 60 mm lens moet je wel heel dicht bij het onderwerp komen.
Maar Tamron en Sigma zijn perfecte alternatieven voor de merklenzen.
Hallo Kenneth,
Ben al een poos aan het twijfelen over 2 macrolenzen. het gaat om de Canon EF 100mm F/2.8 L USM iS of de Canon EF 180mm F/3.5 L USM. Ik heb een Canon 60D. De 100mm is weer lichtsterker en de 180mm is ideaal voor iets verder weg. Insecten e.d. Voordeel van de 100mm is ook de beeldstabilisatie denk ik. Kortom kom er eigenlijk niet uit. Het zijn beide wrsch toplenzen.Heb je evt nog tips die bij mijn keuze kunnen helpen?
Groet Sieneke
Ik heb een canon 600 D en wil een lens waar ik goed mee in kan zoomen maar ook goed van dichtbij kan fotograferen. Ik twijfel nu aan de Canon EF-S 18-200mm f/3.5-5.6 IS omdat ik daar nogal negatieve verhalen over lees. Is er een goed alternatief
Ik wil best investeren in een lens maar dan moet de kwaliteit ook wel goed zijn.
Groet Marjon
Ik heb precies dezelfde vraag, zelfde fototoestel. Nu heb ik 1 objectief: Canon EF-S 17-55mm f/2.8 IS USM. Zeer tevreden over. Maar graag had ik ook nog een standaardzoomlens met meer tele.
De Canon EF 24-105mm f/4L IS USM lijkt me een pareltje. Maar behoorlijk duur. En 105 mm is misschien te weinig tele vrees ik. ?? Dit doet me dus twijfelen.
Hier een review:
http://www.letsgodigital.org/nl/news/articles/story_4706.html
Een idee over de prijs:
http://www.fotokonijnenberg.nl/search.html?searchfield=Canon+EF+24-105mm+f%2F4.0+L+IS+USM
Moeilijke keuze inderdaad.
Beste groeten,
Emmy
Konijnenberg is flink aan de prijs,beter hier even kijken
http://www.kieskeurig.nl/objectief/canon/ef_24-105mm_f4l_is_usm/prijzen/bezorgen/169211/#prijzen
Hallo,
Ik heb een sony alpha 55 camera en wil een lens van minolta kopen.
Ze bieden me een Minolta AF75-300 1:4,5-5.6 aan.
Mijn wens is om vogels en de natuur te fotograferen.
Nu is mijn vraag is dit een goede lens om te oefenen ik ben nog maar een beginner.
Hoor graag van u.