Sinds vorig jaar gebruik ik Aperture op mijn Mac. Aperture kwam eerder uit dan Photoshop Lightroom en ik heb deze toen de Aperture 1.5 versie uit kwam deze gekocht. Ik vond de applicatie toen lekkerder werken dan de beta’s van Lightroom en de organisatie kant van die applicatie is veel beter uitgewerkt. Met elke nieuwe update werd de applicatie beter en nam de performance behoorlijk toe. Het is een prima applicatie die zelfs op mijn PowerMac G5 nog prima uit de voeten kan (er zit wel 3Gb geheugen in deze Mac). Mijn foto workflow werd aanzienlijk verbeterd, ik kon steeds meer foto’s in dezelfde tijd ‘processen’.
Van mijn baas mocht ik in maart echter Lightroom kopen. Daar zeg ik natuurlijk geen nee tegen, ook al gebruikte ik een andere applicatie (je bent Hollander of je bent het niet) en sindsdien zit ik een beetje tegen de overstap naar Lightroom aan te hikken. Mijn eerdere blogposts over beide applicaties gingen vooral over de verschillen in de album organisatie, die vind ik in Aperture gewoon beter, maar weinig over de development kant van de foto workflow. En daar zit absoluut de kracht van Lightroom, begrijpelijk ook als je bedenkt dat de mensen die Photoshop hebben ontwikkeld er achter zitten.
In tegenstelling tot Aperture, waar de ontwikkeltools overal beschikbaar zijn, is Lightroom ingedeeld in een Library en een Develop gedeelte. Beide zijn van elkaar gescheiden, omdat dit meestal ook is hoe je met je foto workflow om gaat. Eerst de (RAW) bestanden importeren, vervolgens voorzien van keywords en indelen, selecties maken van foto’s die moeten worden bewaard en vervolgens de aanpassingen maken en deze dan weer presenteren in een slideshow, op het web of in print. In het begin moest ik hier een beetje aan wennen, ik werk graag direct vanuit het overzicht van foto’s, maar eigenlijk is het veel logischer zo.
Eén van de beste controls in het Develop gedeelte is het ‘histogram’. Deze grafiek geeft aan of de foto goed is belicht, hoe donker de zwarte en lichte uitersten zijn, etc. Je kunt direct in het histogram slepen, waardoor de corresponderende instellingen worden aangepast. Iets te weinig contrast? Sleep de Darks iets verder naar links. Oeps, de details vallen weg in het wit. Sleep de Highlights naar links, etc. Wat mij betreft een erg intuïtieve manier van werken.

Verder is de curves control, ook bekend van Photoshop, heel fijn om mee te werken. Hoe groter de bocht is die de grafiek maakt, des te groter het verschil tussen licht en donker zal worden. Heel handig om hele subtiele aanpassingen te doen. Ook de sharpening valt op. Sinds ik Lightroom gebruik heb ik eigenlijk niet één foto hoeven te verscherpen. Blijkbaar is de standaard verscherping al zo goed dat dit niet nodig is.
Met zo veel instellingen is het soms lastig om door te bomen het bos te zien. Gisteren kwam ik echter de gratis PhotoPresets ‘presets’ tegen. Een grote collectie instellingen waarmee snel een bepaald effect op het foto kan worden toegepast. Iets meer warmte in de foto? Alleen de kleur rood laten uitspringen? Vignetting randjes om de foto? Het kan allemaal en door verschillende presets toe te passen krijg je uiteindelijk een uniek resultaat. Een must voor elke Lightroom gebruiker.
Lightroom is vanaf nu mijn favoriete foto workflow tool, vooral voor de performance en de kracht van de ontwikkel tools. Een zwakke plek zit nog wel in de organisatie van de foto’s, vooral de manier van werken met projecten en ’smart albums’ mis ik in Lightroom en ook het direct exporteren naar Flickr vanuit de applicatie mis ik. Maar daar zullen nieuwe versies of 3rd party ontwikkelingen ongetwijfeld iets aan gaan doen.









Recente Reacties